July 10 1663

Maria Beeckman, born (baptized) at Okegem on May 19 1603 and married to Judocus Vernaillen, passed away at Okegem on July 10 1663. Her husband came from a line of sextons (koster) and became sexton-schoolmaster after a quarrel with his brother. He also did the maintenance of the tower clock and was alderman at Okegem (schepen) for a couple of years. He passed away at Okegem on September 1 1652.

Both my great-grandfathers in the maternal line descend from this couple.

--- My great-grandfather Felix De Vidts descended from their son Adrianus Vernaillen.

A very short overview : Adrianus fathered Michael (born at Okegem in 1657). Michael was the father of Egidius (Denderleeuw 1691 - Okegem 1759). Egidius's daughter Joanna was born at Impegem in 1725 and died at Pamel in 1791. She married Ferdinandus Van der Sleyen (Pamel 1724 - Pamel 1810). They had a son Michael (Pamel 1758 - Pamel 1827), who fathered Maria Elisabeth Van der Sleyen (Pamel 1811 - Pamel 1860). As stated before, Maria Elisabeth was the mother of my great-grandfather Felix De Vidts.

--- My great-grandfather Hermilianus Neukermans descended from their daughter Livina.

Livina Vernaillen married Niclaas De Mol at Okegem in 1666. Their son Judocus (Okegem 1669 - Okegem 1735) fathered Joannes (Okegem 1699- Okegem 1777) who was the father of Joanna (Okegem 1733 - Okegem 1791). Joanna married Petrus Van der Speeten (Okegem 1733 - Okegem 1786), the father of Cornelius (Okegem 1772 - Okegem 1806). Cornelius's daughter Alexandrina Van der Speeten (Okegem 1795 - Okegem 1831) mothered Catharina Asselman (Okegem 1823 - Okegem 1892) who was the mother of my great-grandfather Hermilianus Neukermans.

Familie en genealogie

Genealogie is mijn hobby en passie. Sommige (meestal oudere) familieleden begrijpen dat en puzzelen – al dan niet actief – mee.

Met de jongere generaties heb ik een “probleempje”. They can’t be bothered – gelukkig weten ze ook niets wat mij verder zou kunnen helpen. Wanneer ik weer eens over mijn stamboom begin zie ik de onrust in hun ogen flitsen. Genealogie is nog erger dan een dia-avond over de voorbije vacantie ! En hun gebarentaal zegt : sauve qui peut. Maar dat is ok – het is mijn hobby, niet de hunne.

Wat ik niet begrijp is hun totale desinteresse voor wie en wat voorafging. Ze weten niet dat de meeste mensen bij hun huwelijk vijftig jaar geleden al dik tevreden waren met een bed, een tafel, vier stoelen en een kast en dat ze ook niet meer konden kopen. Ze weten niet meer dat 50 jaar geleden autos uitzonderlijke machines waren, dat de meeste huizen noch lopend water, noch “kraantjesgas”, laat staan een badkamer hadden ; dat electriciteit pas recentelijk de dorpen had bereikt. Ze weten niet dat een toilet een hok in de tuin of stal was met als mobilair een dikke plank met een gat in boven een stinkende beerput. Ze hebben waarschijnlijk nooit de vorstroosjes op hun slaapkamervenster gezien. Ze weten niet dat mensen dagelijks stierven aan ziektes die nu als banaal en ongevaarlijk beschreven werden, en dat iemand met een radio nog een nieuwsbron was voor het ganse dorp.

Ze weten niet wat de vooruitgang voor ons gedaan heeft maar ze zien ook de negatieve zijde van de ongebreidelde groei van de jaren na de tweede wereldoorlog niet.

Ze weten niet hoe verse melk, verse groenten en vers fruit smaken. Ze hebben nooit het plezier gekend visjes te vangen in nog bijna onbezoedelde beekjes.

We hebben ze veel gegeven maar misschien nog meer ontnomen : vanzelfsprekende solidariteit, echt beleefde naastenliefde, vaste normen en waarden, en eerbied voor de ander. We hebben hun de stilte en het weldoende duister van de avond en de nacht afgenomen en hen blootgesteld aan de dictatuur van het lawaai en het beeld.

Hun dikwijls - meestal slechts oppervlakkige- egoïstische reflexen komen uit de graai-kultuur waarin we hen hebben opgevoed en waarin wij het slechte voorbeeld hebben gegeven. Wanneer puntje echt bij paaltje komt weten ze gelukkig meestal nog wel wat hen te doen staat en handelen ze zeer correct.

Ik dwaal af : genealogie interesseert ze van geen kanten (maar hopelijk worden ze ook een dagje ouder en maken dan niet dezelfde fout als wij vroeger : wachten met vragen stellen tot er niemand meer is die ze nog kan beantwoorden). Ze vinden het niet nodig te weten waar ze vandaan komen, en weten het dus effectief ook niet.

Ze aanbidden hun grootouders, maar hun overgrootouders kunnen hen bij manier van spreken gestolen worden. Die mensen zijn toch al lang dood en vergaan ? Maar zij vergeten dat hun aanbeden grootouders de overgrootouders zijn van hun eigen kinderen en dat een mens niet echt sterft zolang iemand zich hem of haar herinnert.

Daarom maak ik mij niet echt ongerust over hun gebrek aan belangstelling – indien ze later van mening veranderen zullen ze minstens een basis hebben om op terug te vallen. Maar het gaat snel : mijn eigen afstamming is al maar een vierde deel van de afstemming van mijn achterneefjes en nichtje, die in elk geval nog veel en veel te klein zijn om zich aan dit soort zaken te interesseren. Maar, indien hun ouders of zij zelf er ooit zin in krijgen : er is een basis en er is altijd werk voor de boeg.

Afval

Neen, ik zoek er echt niet naar !

Volgens De Standaard van vandaag werd berekend dat de serie megaconcerten die dit week-end plaats vonden 32.000 ton afval opgeleverd hebben : "drieduizend keer het gemiddelde jaarlijkse verbruik van een Brit".
Ik heb altijd geleerd dat een ton 1.000 kg is ; 32.000.000 kg gedeeld door 1.000 is nog altijd 32.000 kg afval per Brit.

Dat lijkt me toch wat veel niet, bijna 88 kg per dag ?

July 8 1893

Birth at Pamel of the fifth and youngest child of Felix De Vidts and Blondine Muylaert : Petrus Joannes De Vidts, my mother's uncle and thus my great uncle "Wannes". He passed away on May 5 1922 at Pamel.
He never married, and according to what my mother told me - if my memory serves me right - he had been ill for a long time. Even my mother did not know him that well ; he died when she was eight years old. I have seen a picture of him as a soldier on horseback but I do not have it in my collection.

I do not plan to systematically remember all my great uncles and aunts in this blog : I have a very significant number of them : 19 on my father's side and 15 on my mother's side, but most of them had children and grandchildren to remember them. Uncle Wannes did not.

Motu proprio

Ik keek er naar uit en het is er dan eindelijk toch van gekomen : de paus vereenvoudigt de voorwaarden waaronder de “oude latijnse” mis van “voor het tweede Vaticaans concilie” weer kan worden gevierd. Wat ik in de laatste veertig jaren – in de jaren dat ik nog kerkganger was of terug werd – aan “theatervoorstellingen” en “vernieuwingen” aan, om en rond het altaar heb gezien grenst aan het ongelooflijke. Ik heb meerdere keren op het punt gestaan de kerk uit te stormen : alle trucs leken wel goed om de “winkel” weer te vullen – wat overigens, behalve bij speciale gelegenheden zoals Kerstmis, Onze-Lieve-Vrouw vieringen en soms begrafenissen, nooit lukte. Dit lukt ook niet met de nieuwe maatregel, maar lijkt wel een stap in de goede richting.

Nu nog effen wachten om te zien of we niet blij zijn met een dode mus, want ik weet bij ervaring dat de pers meestal een week tot veertien dagen nodig heeft om met het juiste verhaal te komen, op voorwaarde dat het dan nog nieuws is.
Een probleem is wel dat een deel van de jongere priesters niet echt nog een grondige kennis van het Latijn heeft en dat een groot deel van de kerkelijke overheid (in Frankrijk en elders) niet zat te wachten op de “tridentijnse mis” van 1962.

Overigens valt af te wachten of een van de veronderstelde doelstellingen van de paus, het terug in de schaapstal halen van zeer traditionale afgescheiden katholieken zoals de volgelingen van aartsbisschop Lefebvre, wel zal lukken. Wanneer men de honderden splintergroepen van traditionele katholieken op het internet bekijkt moet men echt een diep geloof in de werking van de Heilige Geest hebben om de rooms katholieke kerk nog te zien als de “één en ondeelbare” monoliet die ze altijd heeft willen zijn.

Enfin, hoop doet leven, en ik zit “geduldig” te wachten op het organiseren van een “tridentijnse mis” in mijn omgeving.

Op het internet zijn honderden, zoniet duizenden, al dan niet betrouwbare sites te vinden over dit motu proprio en zijn voorgeschiedenis. Een van de betere ; http://www.catholicnews.com/data/stories/cns/0703892.htm.

Tour de France te Gent

Tot enkele jaren geleden zou ik blij, en stiekem misschien zelfs een beetje fier, geweest zijn met deze aankomst.

Nu gruw ik er van dat een groot deel van de stad gegijzeld, en het verkeer dagenlang ontregeld wordt voor en door een vulgaire circusvoorstelling met een bende zelfkickers en poenscheppers. Overigens ben ik er van overtuigd dat "De Ronde" al stilaan ineengezakt zou zijn als een oude pudding indien er niet zoveel enorme geldelijke belangen mee gemoeid waren. Sport ??? jaja ...

Maar ja, nog eens, panem et circenses, nu meer dan ooit. En de politiekers kunnen zichzelf ook weer eens in het zonnetje plaatsen.

Met mijn excuses aan de (mogelijks) eerlijk sportieve deelnemers en toch nog veel plezier gewenst aan de onverbeterlijke wielerfanaten.

The age of photography

I have photos of seven out of my eight great-grandparents. The exception is my mother’s maternal grandmother, Blondina Muylaert. She refused to have her picture taken , just as she refused to eat fish, because that came out of the sea in which all these dead drowned people had been eaten by the same fish. As she passed away in 1942, she surely had an identity card – and these carry photos. So there must have been at least one, but I never saw it, and my mother and uncle both told me she always refused to have her picture taken. Of two of the other couples I have a picture as a couple. For the fourth couple, I have a scan of the pictures of their identity card.
Photos were far from a common thing for ordinary people, small farmers or self employed people and workmen, even in the period following the first world war … I also have a picture of one of the eight couples who were my great-great-parents, and that’s it for the iconographic study of my ancestors.

There may be more photos of my great-grandparents and their parents floating around, but, as most of them had a significant number of children, the photos had to be divided amongst their offspring and since then, most may have ended in the dustbin (“Who the hell was that anyway ?”).

I must admit that I do not have the slightest inkling about the further offspring of my great-great-grandparents – all together, we may well constitute a small army ; and even in villages where many of them continued to live together, the sense of relationship died away after three or four generations. Moreover, the development of mass communications and transports has torn to shreds the fabric of village life and scattered families, who had lived in the same place for centuries, all over the map. A very distant relative has tried to find all the descendants for one of the couples – I heard it quite by chance – and what he collected for one of the eight couples was a sizeable book already.

My great-grandparents

Josephus Timmermans, Meerbeke December 8 1858 - Meerbeke October 11 1926 ; his wife Maria Elisabeth Goessens, Brussels March 8 1862 - Meerbeke August 12 1934.

Hermilianus Neukermans, Okegem October 3 1855 - Okegem September 7 1932, with his wife Clementina Broeckaert, Okegem November 11 1858 - Okegem November 8 1939 (in their garden).

Ravijst Petrus Joannes, Nieuwenhove January 1 1861 - Meerbeke January 21 1944, with his wife Joanna Maria (Leontien) De Schepper, Meerbeke July 18 1864 - Meerbeke December 11 1928.

Felix De Vidts, Pamel April 12 1853 - Pamel June 8 1940. I have no picture of his wife Blondina Muylaert, Denderhoutem June 4 1849 - February 10 1942.























Een mooie titel

Uit De Standaard van vandaag.

Titel : "Belgische economie krijgt allures van bazaar" ;
ondertitel : "Het vet lijkt van de economische soep, net voor de vergrijzing ons in de kuiten komt bijten."

Wie zei ook alweer dat economisten geen verbeelding hebben ?

150th anniversary of the apparitions of Our Lady in Lourdes

For a couple of years now, I have been a regular visitor the the Lourdes Shrine.
In February 2008 we celebrate the150th anniversary of the first apparitions to Bernadette Soubirous. And although Lourdes has more rooms that any other city in France, Paris excepted, it is hellishly difficult (no pun intended) to find a room for the dates of the first apparitions. Agencies have reserved blocs of rooms - whether they will be able to fill them remains to be seen - but frankly the situation looks grim for the pilgrim who eight months before the event has not yet booked a room. I found a room by a stroke of luck after an extensive search : single rooms are the most difficult to get indeed.
Over the years, the flow of people to roman catholic churches has fallen drastically to a mere trickle, but pelerinages to Lourdes hold their own and still are growing. Even when one admits that many visitors come to have a one time look at the "religious circus" in Lourdes, then to walk away in disbelief, there are millions every year who come for religious reasons and are deeply moved by their visit. No, faith is not dead yet, not by a long shot.
Ave Maria !

July 5 1694

On July 5th 1694 Joos De Vidts died at Pamel. He was born at Pamel on April 20 1627 and had ten children with Maria Van der Kelen (Pamel February 15 1625 - Pamel October 7 1676). At this point in time, we know his forebears up to his great-grandfather, and then the family fades into the mists of history.

Joos became a meisenier in Grimbergen on April 8 1669 - a copy of the letter confirming this has survived until now, although there is some confusion about the precise date. He was a well to do tenant farmer (pachter) working about 23 dagwand, which is roughly 6 hectares - and he even had a maid. But at least one third of his children died young.

Just one line in history :

* Petrus (1655 - 1726) son of Joos and Maria, married Catharina Van Nieuwenhove (1663 - 1743) ;
* Judocus (1703 - 1750) son of Petrus and Catharina, married Catharina Theresia Van Cauwelaert (1729 - 1805) ;
* Petrus Joannes (1749 - 1793) son of Joos and Catharina, married Carolina Van der Straeten (ca 1753 - 1801) ;
* Joannes Franciscus (1784 - 1839) son of Petrus and Carolina, married Maria Elisabeth Van Lierde (1790 - 1838) ;
* Joannes (1811 - 1881) son of Joannes Franciscus married Maria Elisabeth Van der Sleyen (1811 -1860) ;
* Felix (1853 - 1940) son of Joannes and Maria Elisabeth married Blondina Muylaert (1849 - 1942) ;
* Maria Antonia (1885 - 1949) daughter of Felix and Blondina, married Joannes Franciscus Neukermans (1886 - 1961) and went to live in Okegem.
* My mother Margaretha Felicitas Neukermans (1914 - 2000) was their daughter.



A second line, restarting with Joannes and Maria Elisabeth Van der Sleyen :

* Antonia (1840 - ?) daughter of Joannes and Maria Elisabeth, married Ludovicus De Schepper (1833 - ?) from Meerbeke ;
* Joanna Maria De Schepper (1864 - 1926) daughter of Antonia and Louis, married Petrus Joannes Ravijst (1861 -1944) from Nieuwenhove ;
* Rosalia Maria (1892 - 1973) daughter of Petrus Joannes and Joanna Maria (also Leontine), married Pieter Jozef Timmermans (1886 - 1953) from Meerbeke.
* My father Petrus Joannes Timmermans (1913 - 1980) was their son.

July 5 1635

On July 5th 1635 Judocus De Winne died at Okegem. He was married to Passchasia Schets. Both were “buitenpoorters” of Geraardsbergen (Grammont). They had eight children and I descend from their son Petrus who died at Okegem on June 20 1640. These are important people in my genealogy : I descend from them in a number of ways.

Petrus De Winne married twice. He had eleven children, nine of which issued from his second marriage to Anna sConinckx who was probably born at Iddergem and died at Okegem on May 12 1646. I descend from two of their sons : Adrianus and Petrus (+ 1660).

I give the bare outlines :

1. Adrianus De Winne begot Joanna who became the mother of Anna Van den Waterloop (1662 – 1740).
--- Anna's daughter Anna Asselman (ca 1690 – 1784) became the mother of Joanna De Mol (1733 – 1784) who was the mother of Cornelius Van der Speeten (1772 – 1806). His daughter Alexandrina (1795 – 1831) mothered Catharina Asselman (1823 – 1892) who was the mother of my great-grandfather Hermilianus Neukermans (1855 – 1932).
--- Anna Van den Waterloop also had a son Joannes Asselman (1692 – 1732), the father of Petrus (1729 – 1792) , who was the father of Franciscus (1769 – 1865), father of Andreas (1795 – 1875) who was the father of Catharina Asselman (see before).

2. Petrus De Winne ( + 1660) fathered Reinier (ca 1634 – 1701), the father of Catharina De Winne (1661 - 1730). I descend from her daughters Anna (1691 – 1759) Straetman and Joanna Straetman (1697 – 1762).
--- Anna Straetman’s ’s son Petrus Asselman (1729 – 1792) was the father of Franciscus (1769 – 1875) - both are mentioned before.
--- Joanna Straetman’s son Petrus Van der Speeten (1733 – 1786) fathered Cornelius (1772 – 1806), who fathered Alexandrina (1795 – 1831). Alexandrina and her daughter Catharina Asselman have been named before.

I’m not sure the list is complete – it is an illustration of the intertwining of families in small villages in the 17th – 18th century and really needs a genealogical graph to be well presented, although I’m not quite sure that even a graph would be perfectly legible.

But I am totally sure about the fact that I could never have gotten this far with my research without the exceptional work of Dr Herman Van Isterdael “Families en Personen te Okegem (Ninove) 12e eeuw – 1900 en Impegem (Liedekerke) 17e eeuw – 1804” published by the VVF Aalst in 2003.

Torfs en KUL

Sorry, dit is bijna een slechte woordspeling. Ik hou ervan de opinies van Prof. Rik Torfs in De Standaard te lezen – ik hou van zijn lichte, badinerende stijl en zijn meestal verfrissende, relativerende standpunten. Hij is een van mijn geprefereerde auteurs. Maar het artikel dat hij in het dagblad van vandaag gepleegd heeft met zijn collega Philippe Van Parijs van de UCL “me fait monter la moutarde au nez”.

Blijkbaar zijn er ernstige meningsverschillen tussen de “katholieke” universiteit van Leuven en het Vaticaan, onder meer omtrent bio-ethische problemen (in vitro fertilisatie, onderzoek op embryo’s enz).
De krant heeft al gemeld dat Leuven het predicaat katholiek zou kunnen verliezen – geen ramp voor de universiteit, maar mogelijk wel voor de faculteit Godgeleerdheid, waarvan de diplomas dan niet meer erkend zouden worden door “Rome”.
Op een meesterlijke wijze draait Torfs rond de pot als een kat om de hete brij - zegt nu eens ja, dan weer nee, en dan weer misschien. Een wollig stukje om de kool en de geit te sparen (oei, hoe oneerbiedig ...).

“What’s in a name ?” - de universiteit van Leuven is niet katholieker dan die van Gent of van Luik – waarom dan nog verder doen alsof ?
Maar dit is slechts de mening van een “... katholiek in de traditionele of zeer traditionele zin, maar iedereen weet dat die laatste groep een minderheid is geworden.” Het zij zo. Amen.

Family events on July 4

On July 4 1692 Joannes Wynant passed away at Denderhoutem. He was an ancestor - six generations removed - of my great-grandmother Blondine Muylaert (Denderhoutem June 4 1849 - Pamel February 10 1942).

On July 4 1857 Amandus Neukermans passed away at Okegem, aged 33 years : he was born at Okegem on March 15 1824. On September 6 1849 he married Catherina Asselman (Okegem June 7 1823 - Okegem January 10 1892) . They had 5 children. Hermilianus, my great-grandfather (Okegem October 3 1855 - Okegem September 7 1932) was their fourth child : he never knew his father since he was less than two years old when his father died.

Amandus was a miller's man (molenaarsgast) and his wife never remarried. The couple lived on the Rattenberg where my grandfather eventually passed away. The property was then sold : it had probably been in the family since the Neukermans arrived in Okegem late in the XVIIth - early in the XVIIIth century.

July 4


To all my American friends : happy 4th of July !

Although I am far from happy with the evolution of and in the USA over the last years, I will never forget what your country has done for us in the last century.

And to my Canadian friends - it is unforgiveable that I stupidly forgot to wish you all a happy July first. What your country did for us must for ever be remembered !

July 3 1737

On July 3d 1737, Joannes Baveghems died in Pamel, almost 46 years old. He was a blacksmith. He had been born in Meerbeke on August 7 1681 and was married to Joanna Maria De Vidts, born in Pamel on January 3 1683. She preceeded him in death at Pamel on April 13 1726 at the age of 43. The marriage took place at Pamel on Februari 10 1711.
Joanna Maria was a descendant from the second De Vidts line in Pamel (not the one my great-grandfather Felix descended from in a direct line : she descended from Guillelmus, born around 1530 ; Felix descended from Gheeraert, possibly a brother of Guillelmus). She became a "meisenier" in Grimbergen on December 11 1715. By that time, meisenier was an honorary title without much real contents, but still much sought after by the families that could apply for it. The couple first lived in Meerbeke but returned to the Dries in Pamel when Joanna's parents had passed away. Joannes and Joanna Maria had 5 children at least, of which Elisabeth was the youngest.

Elisabeth Baveghems was born at Pamel on September 7 1723 and died at Pamel age 83 on June 29 1807 . Like her mother she became a meisenier on June 9 1751. She must have been relatively well to do as she was listed as a "rentenier". She married twice. Her first husband was Martinus Gerardus Van Lierde, a miller from a well known miller family. They married at Pamel on September 3 1743 and had 7 children. Martinus was born in Idegem or Appelterre before 1723 and died at Pamel on April 6 1754. Elisabeth was his second wife - his first marriage lasted about a year and his first wife was a widow herself of one of Martinus's relatives ... Family relationship sometimes got quite complicated at that time - widows with children stood almost no chance when they stayed single.

Their third child, Joannes Josephus Van Lierde (Pamel, June 19 1746 - Pamel April 1 1811) was a miller too and became a meisenier on March 22 1784. He married Maria Josina Covens (Pamel October 8 1759 - Pamel April 12 1827) at Pamel on January 26 1782 and they bred 11 or 12 children.

Their second daughter Maria Elisabeth Van Lierde (Pamel February 28 1790 - Pamel April 27 1838) married Joannes Franciscus De Vidts (Pamel June 21 1784 - Pamel January 24 1839) at Pamel in September 1809. Around 1808 - 1809, they built one of the first houses on the Varing , which, one hundred years later became the new center of Pamel. Their house was known as 'te Koddekes" until very recently. It still stands and is among the eldest on the Varing. Joannes was known as an inn keeper, a cabaretier, and, occasionally, as a "rentenier". In this marriage, the two De Vidts lines in Pamel came together, not for the first, and probably not for the last time. They had eight children, two of which went to live in Ninove.

Their eldest son Joannes De Vidts (Pamel January 25 1811 - Pamel August 27 1881) married Maria Elisabeth Van der Sleyen (Pamel May 9 1811 - Pamel July 22 1860) at Pamel in May 1834. Joannes probably followed his wife to the Koe(i)straat. Their youngest son Felix was my great-grandfather. As he was born op April 12 1853 he was seven years old when his mother died. I already wrote about him elsewhere in this blog and will do so again. He passed away op June 8 1940.

Genealogie - liefhebbers of amateurs ?

Genealogie is een populair tijdsverdrijf geworden, vooral voor oudere mensen. Een bezoekje aan een van de vestigingen van het Rijksarchief kan je daar snel van overtuigen. Mijn liefde voor genealogie bestaat al sedert mijn tienertijd maar kon pas opvlammen na mijn pensionering.

De gemakkelijk beschikbare gegevens groeien snel aan. Vele mensen maken stambomen, gezinsreconstructies enz. en laten anderen daar mee van genieten. Daar zijn we zeer dankbaar voor.

Een ding moet me echter van het hart : ik surf zeer regelmatig op meerdere genealogische sites en werkgroepen. En ik schrik bijna dagelijks van het erbarmelijke taaltje waarin vele berichten en/of vragen gesteld worden. Dit geldt zowel voor het Vlaams - ik zal een inspanning doen en het Nederlands noemen - als voor het Frans.

Iedere genealoog weet dat hij alle gegevens aan de bronnen moet nachecken, een eerlijk gebod dat slechts weinigen - wegens gebrek aan tijd - kunnen of willen naleven. Indien de gegevens die men op internet vindt even (on)betrouwbaar en even (on)critisch benaderd zijn als het taalgebruik, dan zijn we inderdaad zeer ver van huis ... en zitten veel van onze collega's op een genealogisch dwaalspoor ...

In short : the language of many genealogy fans is simply terrible and full of elementary mistakes ; what if their data are as unreliable as their language ?

Okegem 1815

Zelfs nog een kleine tweehonderd jaar geleden was Okegem niet veel meer dan een verzameling armzalige hutten. Ik durf weleens met weemoed denken aan het dorp van de jaren 1940 - 1950 dat intussen totaal toegebouwd, verbouwd en, in mijn ogen, "vermassacreerd" is.

Maar niets is eeuwig : het dorp van mijn grootouders zou zo goed als onherkenbaar geweest zijn voor hun eigen overgrootouders, behalve misschien de kerktoren en een of ander deel van een oud boerenerf.

Uit een reisverhaal door de Engelse kapitein Alexander Cavalié Mercer blijkt dat het Okegem van de jaren 1940 - waar nog steeds geen gas en lopend water beschikbaar was - totaal moet verschild hebben van het dorp uit het begin van de jaren 1800, die we toch al als "moderne " tijd durven bestempelen.

Mercer was een officier in het leger van de hertog van Wellington, dat in 1815 de Noordzee overstak en vanuit Oostende ten strijde trok tegen het leger van Napoleon. Deze strijd vond zijn beslag in de alom gekende slag bij Waterloo. De troepen waartoe Mercer behoorde, hadden voorafgaandelijk manoeuvres in de onmiddellijke omgeving van Okegem. Mercer zelf resideerde in Strijtem en maakte tussen de voorbereidingen door verschillende uitstapjes in de omgeving, die hij nauwgezet bijhield in zijn dagboek.

"Een van mijn eerste ritten gold, zoals dat hoorde, Ninove. In plaats van de hoofdbaan van Brussel naar deze stad te nemen, die door Meerbeke loopt, nam ik een zijweg naar Liedekerke en sloeg op korte adstand van dit dorp links in. Ik trok over de liefelijk vloeiende Dender, tegenover het kleine dorp Okegem, door middel van een landelijke brug op palen gebouwd, die zo smal en zwak was, dat ik mij niet zonder aarzelen en tenslotte met mijn paard aan de toom er over waagde. Ik vond de officieren en de troep hier zeer schamel gehuisvest, in niets beter dan hutten met een armzalig uitzicht. Hier was niets dat de vergelijking kon doorstaan met onze heerlijke van tapijten voorziene salons" (van het kasteel ?) "te Strijtem, waaraan we, tussen haakjes, stilaan gehecht raakten, vooral sedert het goed weer ingevallen was en ons geleerd had hun koelte en verfrissend demi-jour te waarderen. Aan de overzijde van de rivier was de streek niet belangwekkend, zoals ik elders vermeld heb. Het uitzicht verbeterde echter enigszins naarmate wij Ninove naderden. Deze stad, met een uitgestrekt witstenen klooster, dat op het hoger gelegen gedeelte van de grond gebouwd was, had een vrij indrukwekkend voorkomen."

De belangrijkste veranderingen van de dorpsstructuur in de 19e eeuw waren het gevolg van de aanleg van de spoorweg van Dender en Waes in 1855. Die had onder meer tot gevolg dat de eeuwenoude poel op een gedeelte van wat nu het dorpsplein is gedempt werd - het station zelf en het Stationsplein werden pas later aangelegd (zie Mededelingen Heemkring Okegem, 11e jaargang, nr 3).

De tekst van Mercer werd gedeeltelijk overgenomen uit : http://www.ninove.be/frmverdstad.asp?pg=http://www.ninove.be/diensten/toeri/reisverhaalMercer.asp.

Voor Mercer zelf : zie http://waterloobattletours.users.btopenworld.com/page27.html

Graaicultuur ? van de vakbonden ???

Half "weldenkend" België staat op stelten om de hoge ontslagvergoedingen bij Opel te Antwerpen aan te klagen. Zelfs de algemeen hoofdredacteur van een "kwaliteitskrant" vindt het nodig in de pen te kruipen om zijn hemelshoge verontwaardiging uit te drukken.

O ja, ik ben ook verontwaardigd ! Toen de overdracht (afbouw) van de Volkswagenfabriek te Vorst aan Audi werd gemeld kon ik, voor het eerst sedert lang, en met veel moeite, nog enig begrip opbrengen voor de "patroons" : in die fabriek was het blijkbaar voldoende dat er een vlieg op de lopende band ging zitten om een staking uit te roepen. Maar Opel Antwerpen, een van de meest performante fabrieken van GM, wordt ook afgeslankt, waarschijnlijk omdat de top geredeneerd heeft dat dit voor hen het minst moeilijkheden zou opleveren, of ja, zelfs uit puur provincialisme - het is niet de eerste keer dat zo iets gebeurt, zeker niet wanneer onze oosterburen een vinger in de pap hebben. En wees maar niet verwonderd wanneer binnen een paar maand of jaar, eenzelfde "stoot" wordt uitgehaald met de ultra performante, onaantastbare Volvo fabrieken te Gent.

Eens te meer wordt de "onstuitbare" globalisering aangevoerd als drogreden : het spijtige is dat de redenen die de top er uit afleidt blijkbaar enkel voor de top zichtbaar en begrijpelijk zijn en dat de vakbonden blijven meespelen in dat sprookje. Eigenlijk is dit niet meer dan een prachtig voorwendsel om het aloude "divide et impera" toe te passen.

Ik ben bereid diep te buigen en mijn woorden in te slikken nadat de eerste multinational haar kaarten en bewijzen op tafel legt, maar dat kan niet wegens het heilige concurrentieprincipe ... Want het vrijwaren van het concurrentieprincipe is nu eenmaal zoveel belangrijker dan het vrijwaren van de werkgelegenheid.

Ik heb het vroeger elders al geschreven : collectieve ontslagen duiden op een mislukking, en wie is er verantwoordelijk voor het bedrijfsbeleid ? Juist - dus bij collectieve ontslagen eerst de top de straat op, en zonder gouden handdruk - zij zullen snel genoeg ander werk vinden.

Over de hoogte van de ontslagvergoedingen bij Opel wil ik zelfs geen commentaar geven, maar ik raad iedereen aan de vergelijking te maken tussen wat een werknemer ontvangt en wat een top manager ontvangt wanneer hij aan de deur gezet wordt. Het enige andere verschil tussen beiden is dat een arbeider meestal geen boter op het hoofd heeft, en misschien, heel misschien, is hij ook beter in zijn job ...

Iedere dag graait er wel ergens een kliekje top managers uit de pot zonder dat er al te veel kabaal over gemaakt wordt. Dit is pas de tweede keer dat de werknemers er niet totaal bekaaid afkomen, en het "weldenkende" deel van het land staat op zijn kop.

We leven inderdaad in een graaicultuur, onder het Diktat van de multinationals : niet het bijna machteloze "weerstaan" aan het systeem maakt de economie en de maatschappij kapot ; daar is het systeem, en zijn de multinationals zelf voor verantwoordelijk. Want wie geeft een paar zelfverkozen personen, die niemand verttegenwoordigen dan geld en eigenbelang, het recht te beslissen over het leven van duizenden werknemers ?
Het is hoog tijd om Marx te moderniseren : tegenover de globale macht van enkele duizenden topmanagers moet een globale macht van regeringen gesteld worden : regeringen aller landen, enz ...

Age ?

A short one for today :

"Age is an issue of mind over matter. If you don't mind, it doesn't matter. "

(Marc Twain)